flickr-free-ic3d pan white

Manul, a small wild cat

Pallas Cat or Manul in Diergaarde Blijdorp (Zoo Rotterdam, the Netherlands).

Pallas Cat (Otocolobus manul), also known as the Manul, is a small wild cat of Central Asia. The cat is quite at home in steppes, cold deserts and the rocky country between heights of 1,000 and 4,000 m.

The Pallas Cat is about the size of a domestic cat but looks much larger due to its stocky build and long, dense coat, which helps shield it from the cold in its frosty habitat.

The head-body length is 50-65 cm, not including its 21 to 31 cm tail, and it weights 2.5-4.5 kg.

The combination of its stocky posture and long, dense fur makes it appear stout and plushy.

The colour varies from light grey to yellowish buff and russet. There is no marked sexual dimorphism.

The eyes are large and set forward in the head, reminiscent of an owl. They have probably evolved like this for hunting by sight.

Pallas's cats are thought to be crepuscular hunters and to feed on small rodents, pikas and birds.

They hunt primarily by ambush or stalking, using low vegetation and rocky terrain for cover; they are not fast runners. They spend the day sheltering in crevices or abandoned burrows of other animals, although they have also been observed basking in warm sunshine.

 

Manoel in Diergaarde Blijdorp Rotterdam.

De manoelkat (ook wel steppe- of pallaskat genoemd) is een kleine wilde kat uit Centraal-Azië.

De manoel is helemaal thuis in de steppen, koude woestijnen en de rotsige hoogten tot 4.000 m.

Met een lengte van 50 à 65 cm en een gewicht van 2,5 à 4,5 kg is de manoel ongeveer zo groot en zwaar als een gewone huiskat. Er zijn twee vachtkleuren: oranjebruin en zilvergrijs. Terzijde van het gezicht zijn zwarte strepen, rond de ogen zwarte en witte ringen en stippen op het voorhoofd. Er is een soort bakkebaard langs de wangen. De 21 à 31 cm lange staart is ruig met donkere ringen en punt.

Het uiterlijk is nogal karakteristiek. De ogen zijn groot en doen denken aan een uil.

De kat heeft een laag voorhoofd en lage, ver uiteenstaande oren. Men zegt wel dat dit en de grote ogen hem in staat stelt om in de schemering en de nacht op het gezicht in plaats van het gehoor te jagen.

De mamoels zijn aangepast aan een ruw klimaat. Ze eten voornamelijk knaagdieren, andere kleine zoogdieren en vogels. Door zich achter rotsblokken te verschuilen kunnen manoels ongezien een prooi bespieden en met behulp van een lage vegetatie besluipen. De manoels zijn geen snelle lopers. Overdag zoeken ze beschutting in rotsspleten en verlaten holen van andere dieren; hoewel ze ook wel worden waargenomen koesterend in de warme zon.

___________________________

 

All rights reserved. Copyright © Martien Uiterweerd. All my images are protected under international authors copyright laws and may not be downloaded, reproduced, copied, transmitted or manipulated without my written explicit permission.

___________________________

.

.

58,763 views
242 faves
610 comments
Taken on August 9, 2010